Orgel
Muellerorgel Kleine orgel

Het kleine orgel in de Grote of St. Bavokerk

orgelkoor


Geluidsfragment

Leningrad Manuscript, Anonymus ca. 1650, Wilhelmus
gespeeld op het koororgel van de Grote of St. Bavokerk

Naast het Müllerorgel bevindt zich in de Grote of Sint Bavokerk nog een tweede monumentaal en fraai orgel, zij het van een zeer bescheiden omvang. Dit als het kleine orgel aan te duiden instrument waarvan herkomst en geschiedenis grotendeels in het duister verborgen liggen is daar sinds 1907 aanwezig. Bij de in 2000 afgesloten restauratie van dit instrument door Verschueren Orgelbouw Heijthuizen BV was Dr. Hans van Nieuwkoop als adviseur van  het College van Kerkvoogden betrokken.
Dit orgel werd door de Hervormde Gemeente Haarlem in 1906 aangekocht van het Liefdesgesticht te Breda en in 1907 in de Grote Kerk geplaatst door orgelbouwer G.A.D.J. Gabry. Dit instrument, althans een aantal onderdelen daarvan, is van zuidelijke (Vlaamse?) herkomst en heeft waarschijnlijk al voor 1680 bestaan, omdat het in 1680–1682 is verbouwd door Frederik Knoblo. In 1749 werd het door de Antwerpse orgelbouwer Gilian Davit hersteld.

Huidige dispositie
Montre 8 In het front, beginnend op Gis. Op C groot tot en met G-groot in Bourdon 8. Oud, waarschijnlijk 18-e eeuw
Bourdon 8 Oud, waarschijnlijk 17-e eeuw
Prestant 4 Oud, waarschijnlijk 18-e eeuw
Flute 4 Oud, waarschijnlijk 17-e eeuw
Nasard 2 2/3 Nieuw
Doublette 2 Oud, waarschijnlijk 18-e eeuw
Tierce 1 3/5 Nieuw, fluitmensuur
Larigot 1 1/3 Nieuw, fluitmensuur
Cornet 3 sterk Nieuw, beginnend op cis-eengestreept Op een verhoogde bank achter het front. Samenstelling: 2 2/3, 2, 1 3/5
Fourniture 3 sterk Nieuw. Samenstelling op C-groot: 1, 2/3, 1/2
Cromorne 8 Nieuw, zuidelijke factuur. Metalen bekers, koppen en stevels
Stemming Rameau
Manuaalomvang C – e3
Pedaal aangehangen
Windvoorziening twee nieuwe spaanbalgen, die kunnen worden gepompt
Uitgebreide informatie in: Hans van Nieuwkoop. Haarlemse orgelkunst van 1400 tot heden, (Deel III, onderdeel 3.3), 1988, ISBN 90-6375-091-9